
Als je aan "schaardeuren" denkt, denk je meteen aan Lamborghini. Zozeer zelfs dat de Italiaanse autofabrikant, die net via Audi onder de controle van de Volkswagen-groep was gekomen, aan het einde van de jaren negentig een nogal gewaagde poging deed: Europese wettelijke bescherming verkrijgen voor... de beweging van zijn deuren. Juridisch gezien was het geen kwestie van het registreren van een patent, maar eerder van een handelsmerk, een zeldzame poging om niet een logo of een naam te beschermen, maar een beweging die iconisch was geworden.
Een Lamborghini... herkenbaar nog voor je de badge leest
Op 26 november 1999 diende Automobili Lamborghini Holding S.p.A. een aanvraag in voor een handelsmerk. De timing was interessant: Audi had Lamborghini in 1998 gekocht en het Italiaanse merk maakte nu deel uit van het Volkswagen-concern. De aanvraag betreft noch een woord noch een embleem. Het is een opeenvolging van beelden die het silhouet van een auto voorstellen waarvan de deuren geleidelijk van gesloten naar open gaan.

De beschrijving is expliciet: het merk verwijst naar "een typische en karakteristieke opstelling van de deuren van een voertuig", die "naar boven toe" openen, rond een as die "hoofdzakelijk horizontaal en dwars op de rijrichting" is. Met andere woorden, Lamborghini probeert een van zijn beroemdste podiumeffecten te beschermen: de spectaculaire verticale opening van de deuren.
Een merk beweging?
In zijn argumentatie benadrukte Lamborghini, via de juridische afdeling van de Audi-groep, een belangrijk punt: het was niet de vorm van de deur die werd geclaimd, maar de beweging zelf. Een "bewegingsmerk", een concept dat toen nog erg marginaal was. De fabrikant benadrukte ook een technisch detail dat de originaliteit van het gebaar moest versterken: de draaias stond dwars op de rijrichting, in tegenstelling tot historische vlinderdeuren zoals die op de Mercedes 300 SL uit de jaren 1950. Het idee is eenvoudig: als het publiek een Lamborghini onmiddellijk herkent aan deze precieze beweging, waarom zouden we het dan niet als merk registreren, net als de vorm van een fles of een geluidssignatuur? Op papier is het een goed argument.
Eerste weigering
Na verschillende uitwisselingen wees het Europees Merkenbureau de aanvraag af in 2001. De eerste grond was een gebrek aan onderscheidend vermogen. In de zeer specifieke markt van topsportauto's is het naar boven openen van de deuren niet exclusief voor Lamborghini. Het Bureau noemt een aantal fabrikanten, waaronder Saleen, Vector, Bugatti, McLaren, Ultima en Mercedes, die vergelijkbare systemen gebruiken of hebben gebruikt.
Conclusie: dit type opening wordt gezien als een stylingkenmerk dat specifiek is voor een categorie auto's, niet als een teken dat de commerciële herkomst van een voertuig identificeert.
Maar de tweede reden is nog doorslaggevender: functionaliteit. Volgens het Bureau kan het merkenrecht niet worden gebruikt om een technische oplossing vast te zetten. Laat staan het spectaculaire effect of het bijbehorende imago: deze beweging dient vooral om een deur te openen. Het merkenrecht is niet bedoeld om een potentieel onbeperkt monopolie op een mechanisch mechanisme te verlenen. Als het technisch is, dan is dat een zaak voor een octrooi, niet voor een handelsmerk dat oneindig verlengd kan worden.
Volkswagen-Audi gaat in beroep
Het concern gaf zich niet gewonnen. Op 22 augustus 2001 werd beroep aangetekend, opnieuw namens Lamborghini, maar onder leiding van de Duitse juridische diensten van het Audi-concern, wat verklaart waarom de hele procedure in het Duits werd gevoerd.

Het argument is verfijnd: de beweging is niet opgelegd door een absolute technische noodzaak, aangezien er veel andere manieren zijn om een deur te openen. Bovenal werd deze keuze geleid door een esthetische en identiteitsgebonden intentie, niet door een zoektocht naar mechanische efficiëntie. In het dossier benadrukt Lamborghini het visuele effect, het spectaculaire karakter van het gebaar en het feit dat het publiek geen scharnier of pin ziet, maar onmiddellijk... een Lamborghini.
2003: Europa neemt de definitieve beslissing
Op 23 september 2003 heeft de eerste kamer van beroep uitspraak gedaan. Zij bevestigde de weigering. Ten gronde was het standpunt duidelijk: zelfs wanneer het teken werd voorgesteld als een "beweging", kwam het neer op de bescherming van de mechanische werking van een autodeur. Het toekennen van een merk op dit punt zou de vrijheid van concurrenten om vergelijkbare technische oplossingen te gebruiken beperken. Het Europese recht verzet zich hier fel tegen. Wat het onderscheidend vermogen betreft, is de kamer van oordeel dat het publiek vooral een spectaculair effect waarneemt, en geen indicator van commerciële herkomst. Met andere woorden: het is opvallend, indrukwekkend, identificeerbaar... maar geen merk in juridische zin.
Als gevolg daarvan konden noch Lamborghini noch de Volkswagen-Audi-groep een Europees handelsmerk voor de schaardeurbeweging verkrijgen. Meer dan twintig jaar later, ondanks de juridische tegenslag, blijft de associatie intact. In de autocultuur wordt naar dit type opening nog steeds spontaan verwezen als... "Lamborghini-deuren".

Lamborghini-deur? Nee, verticaal openende deuren, of "schaar"-deuren. Ik heb nog nooit gehoord van "Lamborghini deur." Hoe dan ook, Duits gelul. Ze doen alsof ze alles hebben, alles willen, ze beweren de "beste" te zijn, maar in werkelijkheid... Nou, ze willen iets patenteren dat gemaakt is door Italianen die 50 jaar lang geweigerd hebben patent aan te vragen (met goede reden). En dan vragen ze zich af waarom iedereen hen haat? 🤷🏻♂️
In plaats van over deze dingen na te denken, zouden ze moeten nadenken over het terugbetalen van de "dieselgate" die ze "vergeten" zijn. Of het terugbetalen van de schade van het 2e WK aan Polen en Griekenland (ongeveer 1.000 miljard euro). Maar ook dat zijn ze "vergeten". Of waarom niet, de schulden van private Duitse banken terugbetalen, maar dan met Europees overheidsgeld? Alleen als het hen uitkomt...
Bravissimo.viva Italia👍😄